Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005

Alinea 232 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR5213.

34) De klacht faalt naar mijn mening. De schade waarvan vergoeding wordt gevorderd hangt samen met het feit dat Kelly - ernstig geestelijk en lichamelijk gehandicapt - ter wereld is gekomen. Zonder het nalaten van de verloskundige zou die schade niet geleden zijn, omdat er in cassatie van moet worden uitgegaan dat de chromosomale afwijking dan in een genetisch onderzoek aan het licht zou zijn gekomen en dat de ouders op grond daarvan tot een abortus zouden hebben besloten. Het nalaten van de verloskundige is derhalve condicio sine qua non voor de schade. Aangezien het nalaten foutief is, leidt dit tot aansprakelijkheid (uiteraard indien ook aan de andere vereisten daarvoor is voldaan). Niet vereist is daarbij dat de gemaakte fout de enige oorzaak is van de schade. Over het voorgaande bestaat in het Nederlandse recht in algemene zin geen verschil van mening. Vgl. Asser-Hartkamp 4-I (2004), nrs. 438 en 439. Ik kan niet inzien waarom dat in de onderhavige casuspositie anders zou moeten zijn. Zie met betrekking tot de causaliteit ook de Nederlandse auteurs genoemd in voetnoot 13.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28, en de alinea staat in dat document op bytes 104759 tot 105864.