Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005

Alinea 245 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR5213.

Weliswaar heeft de moeder het laatste woord bij de beslissing om al dan niet tot abortus te besluiten en heeft de vader er in de onderlinge verhouding tot de moeder geen recht op daarover mee te beslissen, de vader heeft er m.i. jegens derden wel recht op dat het zelfbeschikkingsrecht van de moeder ten aanzien van abortus wordt geëerbiedigd. De gevolgen van schending van dat recht zijn immers voor de vader, afgezien van de zwangerschap, de bevalling en de gevolgen van beide, even ingrijpend als voor de moeder. Hierbij merk ik voor de goede orde op dat zowel jegens de moeder als jegens de vader geen sprake is van inbreuk op een recht in de zin van artikel 6:162 lid 2 BW, maar van een doen of nalaten in strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt als bedoeld in die bepaling. Zie daarover verder hierna nr. 39. ogHoge

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28, en de alinea staat in dat document op bytes 113757 tot 114637.