Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005
Alinea 274 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR5213.
47) Ik merk ten overvloede op dat, anders dan in de literatuur wel is aangenomen,(29) uit het feit dat de arts de voormelde rechtsplicht heeft geschonden en daarvoor aansprakelijk kan worden gesteld, niet kan worden afgeleid dat ouders die weten of vermoeden dat de vrucht gehandicapt is, maar besluiten om niet tot abortus over te gaan dan wel nader prenataal onderzoek te doen verrichten, een rechtsplicht tegenover het kind zouden schenden. Naar huidige maatschappelijke opvattingen is het de keuze van de vrouw, binnen de door de wet daartoe geopende mogelijkheden, al dan niet tot een abortus te besluiten, ook als zij over dergelijke wetenschap beschikt. De hierboven aangenomen normschending van de arts jegens de vrouw is juist erop gebaseerd dat hij dat zelfbeschikkingsrecht heeft geschonden; de normschending jegens het kind is daarvan een afgeleide. Het is evident dat uit dit zelfbeschikkingsrecht van de vrouw voortvloeit dat zij niet, door daarvan gebruik te maken, een rechtsplicht jegens haar kind kan schenden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28, en de alinea staat in dat document op bytes 132903 tot 133945.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/261b6ab7c1f55117c42326c2bcbeb460057189bb8ebc2ede17eb672ce6f88b28 | shasum -a 256