Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2005

Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR6569.

4.1 Het eerste middel bepleit dat de bewezenverklaring onvoldoende is gemotiveerd. De eerste klacht luidt dat, anders dan het hof heeft geoordeeld, niet van algemene bekendheid is dat de uitgang aan de achterzijde van een tram relatief smal is, omdat uitgangen van trams, ook aan de achterzijde, diverse afmetingen kennen. Het hof heeft bewezen geoordeeld dat [betrokkene 1] en [betrokkene 2] uit de achterste uitgang van de tram stapten op het moment dat verdachte het rotje aanstak (bewijsmiddelen 1 en 4). Het hof heeft door in zijn oordeel te betrekken dat deze uitgang, naar algemeen bekend is, relatief smal is, tot uitdrukking gebracht dat een uitstappende persoon een aanzienlijk deel van de ruimte van die uitgang inneemt. De uitgang van een tram aan de achterzijde is niet te vergelijken met de uitgang van bijvoorbeeld een voetbalstadion, van een warenhuis of van een openbaar gebouw, waar doorgaans wel minstens twee personen tegelijkertijd kunnen passeren. Aldus vergeleken is zo een tramuitgang inderdaad relatief smal. Dit oordeel is niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering. In cassatie kan dit oordeel niet met succes worden bestreden met de stelling dat van algemene bekendheid is dat uitgangen van trams diverse afmetingen kennen, reeds omdat die stelling niet afdoet aan 's hofs oordeel dat van algemene bekendheid is dat achteruitgangen van trams relatief smal zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/015e9213ffd0a024b3ade5068842f52c901714605d5183280be2340c6cb86bab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 015e9213ffd0a024b3ade5068842f52c901714605d5183280be2340c6cb86bab, en de alinea staat in dat document op bytes 10628 tot 12042.