Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2005
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR6569.
In de "Theorie des nicht bestätigten Vermeidewillens" zou verdachtes handelen een indicatie zijn voor bewuste schuld, omdat hij "gleichzeitig Gegenfaktoren einsetzt, mit deren Hilfe er den Ablauf so zu steuern versucht, daß eine als möglich vorgestellte Nebenfolge nicht eintritt. (...) Wenn der Täter den Dingen ohne Gegenbemühungen ihren Lauf läßt, kann man daraus oft entnehmen, daß er sich mit dem Erfolge abgefunden hat. Unternimmt er dagegen Anstrengungen zur Vermeidung des Erfolges, so wird er vielfach auf deren Erfolg vertrauen und dann auch nicht mehr vorsätzlich handeln."(3)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/015e9213ffd0a024b3ade5068842f52c901714605d5183280be2340c6cb86bab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 015e9213ffd0a024b3ade5068842f52c901714605d5183280be2340c6cb86bab, en de alinea staat in dat document op bytes 16326 tot 16935.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/015e9213ffd0a024b3ade5068842f52c901714605d5183280be2340c6cb86bab | shasum -a 256