Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR6597.

3.9 Uit het proces-verbaal van de strafzitting tegen klager d.d. 13 april 2004, zoals hiervoor onder 3.4 opgenomen, kan niet volgen dat de verdediging bezwaar heeft gemaakt tegen de beslissing van de Rechtbank om de behandeling van het klaagschrift aan het einde van die zitting te laten plaatsvinden. Voorts volgt uit voornoemd proces-verbaal en de zich bij de stukken bevindende "aanvulling pleitnota [klager]", welke aanvulling betrekking heeft op het ingediende klaagschrift, dat de verdediging op die zitting ruimschoots in de gelegenheid is gesteld om toe lichten op grond waarvan de Rechtbank tot een last tot teruggave aan klager zou moeten komen. De in de "aanvulling pleitnota [klager] (klaagschrift)" vermelde verweren, die in het strafvonnis kort zijn samengevat, zijn door de Rechtbank in het strafvonnis uitdrukkelijk en gemotiveerd verworpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5ffd76bae264787b9bc4e80e768eb04f02f21775ec7e213c17a61e75ed95ae79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5ffd76bae264787b9bc4e80e768eb04f02f21775ec7e213c17a61e75ed95ae79, en de alinea staat in dat document op bytes 13980 tot 14851.