Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 oktober 2005

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 14 oktober 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 oktober 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR6821.

1.6. Vervolgens heeft belanghebbende een conclusie van repliek ingediend op 23 februari 2004. Hij heeft tot slot nadere stukken ingediend bij brieven van 23 maart 2004 en 16 augustus 2004. De griffier van de Hoge Raad had belanghebbende bij schrijven van 17 februari 2004 een termijn van vier weken gegeven om te repliceren. De brieven van belanghebbende zijn dus ontvangen buiten de termijn van repliek, die immers verviel op 16 maart 2004. Artikel 8:58 van de Algemene wet bestuursrecht dat over nadere stukken in het bestuursprocesrecht gaat, geldt blijkens artikel 29 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen niet voor de cassatieprocedure. Op deze twee brieven van belanghebbende kan dan ook geen acht worden geslagen.(3)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56f4572fcc2a6f042242ef32236d89772dad78ea5ae53399f234884262be6279. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56f4572fcc2a6f042242ef32236d89772dad78ea5ae53399f234884262be6279, en de alinea staat in dat document op bytes 7863 tot 8605.