Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2005

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS2030.

2.2 In de eerste drie onderdelen van het cassatiemiddel staat centraal (de motivering van) het oordeel van het hof dat het door de ava op 25 maart 1999 genomen besluit ook een ontslag in arbeidsrechtelijke zin inhield. Het eerste onderdeel klaagt erover dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat uit artikel 2:244 BW voortvloeit dat de ava bevoegd is de arbeidsovereenkomst met de bestuurder te beëindigen. Het tweede onderdeel richt een rechtsklacht tegen het oordeel dat tenzij het tegendeel blijkt dan wel bijvoorbeeld een wettelijk verbod aan de beëindiging van de arbeidsovereenkomst in de weg staat - in beginsel moet worden aangenomen dat de vennootschap met het ontslag heeft bedoeld de gehele tweezijdige rechtsbetrekking met de bestuurder te verbreken. Het derde onderdeel klaagt ten slotte dat [eiser] niet tot het door hem aangeboden bewijs is toegelaten dat op 25 maart 1999 geen sprake is geweest van arbeidsrechtelijk ontslag. Alvorens de middelenonderdelen inhoudelijk te bespreken, merk ik eerst het volgende op.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aea78f7dae224eb482e1b6b91bb2dee752bfdd48fab363bedc67f8848e98b297. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aea78f7dae224eb482e1b6b91bb2dee752bfdd48fab363bedc67f8848e98b297, en de alinea staat in dat document op bytes 12650 tot 13698.