Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2005
Alinea 15 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS2513.
7. In o.m. HR 24 juni 2003, NJ 2004, 165 heeft de Hoge Raad bepaald dat in geval bij de verwerping van een bewijsverweer een beroep wordt gedaan op feiten en omstandigheden, die niet zijn vervat in de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen, de rechter er mee kan volstaan te verwijzen naar het wettige bewijsmiddel waaraan die feiten en omstandigheden zijn ontleend.(3) Hoewel in het onderhavige geval duidelijk is op welk overzicht in met bewijsmiddel 3 wordt gedoeld, ligt een dergelijke oplossing - nog daargelaten dat in het onderhavige geval niet van verwerping van een bewijsverweer sprake is - hier niet binnen bereik omdat, anders dan in genoemd arrest, de rechter in het onderhavige geval niet heeft aangegeven welke feiten hij aan het bewuste bewijsmiddel heeft ontleend. Juist daar is het om begonnen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f91b6bcce4c01b059c72943ef57c9cc5fac5dc29f1a83084ca0f60d491a7f82c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f91b6bcce4c01b059c72943ef57c9cc5fac5dc29f1a83084ca0f60d491a7f82c, en de alinea staat in dat document op bytes 7704 tot 8529.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f91b6bcce4c01b059c72943ef57c9cc5fac5dc29f1a83084ca0f60d491a7f82c | shasum -a 256