Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 november 2005

Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 25 november 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 november 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS3559.

5.15. De bovenvermelde omstandigheden geven aan dat belanghebbende de litigieuze activiteiten - los van de vraag of deze activiteiten te kwalificeren zijn als personenvervoer - binnen een specifiek voor haar geldend publiekrechtelijk regime verricht, en dat belanghebbende daarbij niet optreedt onder gelijke voorwaarden als particuliere marktdeelnemers. De voorwaarden waaronder belanghebbende de voorzieningen verstrekt zijn naar ik meen niet te vereenzelvigen met de voorwaarden waaronder particuliere marktdeelnemers een dergelijke voorziening zouden verstrekken. Belanghebbende is op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten verplicht een adequate vervoersvoorziening te treffen voor gehandicapten, waarbij de verlening van die voorziening geheel wordt geregeerd door regels van publiek recht. De gehandicapten hebben op basis van de Verordening een recht op een adequate vervoersvoorziening, en zij kunnen zich in voorkomend geval daarbij beroepen op de Wet voorzieningen gehandicapten. Van een uitruil van prestaties zoals die zich in het private economisch verkeer voordoet is daarmee geen sprake. Het betreft hier dan ook veeleer de verstrekking van een sociale voorziening, een terrein dat in Nederland overigens (nog wel) bij uitstek tot het publiekrechtelijk domein behoort.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ecd9ce7095f68166556d9bf4d9e88a649a4ec0d5021b32b1aedd35e51cbcb00b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ecd9ce7095f68166556d9bf4d9e88a649a4ec0d5021b32b1aedd35e51cbcb00b, en de alinea staat in dat document op bytes 26219 tot 27523.