Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2005

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS3767.

15. De schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel moet berusten op de inhoud van wettige bewijsmiddelen, als opgesomd in art. 339 Sv, maar uit het parlementair debat betreffende de per 1 maart 1993 ingevoerde ontnemingsbepalingen blijkt dat de wetgever nadrukkelijk heeft beoogd de wettelijke voorschriften betreffende de bewijskracht van zulke wettige bewijsmiddelen (dus de bepalingen betreffende bewijsminima) buiten toepassing te laten. De schatting van wederrechtelijk verkregen voordeel kan derhalve berusten op één bewijsmiddel in wettige vorm, vgl. HR NJ 1998, 90.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d94e8fd869069ba4008a0b55817aeadca4551ca92c26948baa3452a6a7b5bca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d94e8fd869069ba4008a0b55817aeadca4551ca92c26948baa3452a6a7b5bca, en de alinea staat in dat document op bytes 16232 tot 16829.