Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2005
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS3767.
17. In dat opzicht schiet het hier gebezigde bewijsmiddel naar mijn inzicht tekort. Dat klemt temeer daar de bewezenverklaring geen nadere details bevat betreffende de drugstransacties die het voordeel hebben opgeleverd; ook uit het tot bewijs gebezigde financieel rapport niet is af te leiden met welke drugstransacties de als opbrengst beschouwde bedragen in relatie staan, en dit bewijsmiddel de exclusieve grondslag van het rechterlijk oordeel vormt. Dat oordeel: de schatting van het voordeel, mag gebaseerd worden op het totaal van de vermogenstoename (eventueel het totaal van de investeringen), mits het verband tussen die vermogensgroei (eventueel uitgaven) en de strafbare feiten voldoende zichtbaar kan worden gemaakt. Ook in dat geval mag die schatting desnoods op één bewijsmiddel berusten. Het komt mij evenwel voor dat zeker in die situatie hoge eisen aan dat ene bewijsmiddel gesteld moeten worden, met dien verstande dat daarin duidelijk terug te vinden moet zijn hoe de voor het berekenen van het voordeel relevante feiten en omstandigheden konden worden vastgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d94e8fd869069ba4008a0b55817aeadca4551ca92c26948baa3452a6a7b5bca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d94e8fd869069ba4008a0b55817aeadca4551ca92c26948baa3452a6a7b5bca, en de alinea staat in dat document op bytes 17320 tot 18421.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5d94e8fd869069ba4008a0b55817aeadca4551ca92c26948baa3452a6a7b5bca | shasum -a 256