Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 april 2005
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 22 april 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS4191.
2.9. Een andere tegenwerping zou kunnen zijn dat art. 67 lid 2 inmiddels is gewijzigd. De tekst van het huidige tweede lid veronderstelt dat een werknemer op grond van art. 67 beroep kan instellen tegen de machtiging (van de rechter-commissaris aan de curator) tot opzegging van de arbeidsovereenkomst. Dit lijkt mij te verklaren door de omstandigheid dat de opzegging de rechtsbetrekking tussen de werknemer en de gefailleerde werkgever bepaalt. De werknemer kan worden beschouwd als degene tegen wie de beschikking zich richt. Een schuldeiser, zoals [verzoeker] zich hier presenteert, kan als zodanig niet worden beschouwd als degene tegen wie de beschikking tot het verlenen van een procesmachtiging zich richt. Overigens hebben de in art. 69 Fw genoemde categorieën van personen (schuldeisers, commissie uit de schuldeisers en gefailleerde) er weinig last van dat zij niet in beroep kunnen komen tegen de machtiging tot procederen. Zij kunnen ten aanzien van iedere volgende stap die de curator zet op de voet van art. 69 Fw een bevel van de rechter-commissaris uitlokken en, bij afwijzing daarvan, alsnog op de voet van art. 67 Fw bij de rechtbank beroep instellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b7fe2988664c4cc465bfeac2796a80f72e8ade2127b973df9d85d1e4b1ebda5f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b7fe2988664c4cc465bfeac2796a80f72e8ade2127b973df9d85d1e4b1ebda5f, en de alinea staat in dat document op bytes 15278 tot 16462.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b7fe2988664c4cc465bfeac2796a80f72e8ade2127b973df9d85d1e4b1ebda5f | shasum -a 256