Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2005

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS5103.

2.2 Aan haar vordering legt [verweerster] ten grondslag dat [eiser 2] en [eiseres 1] op 13 oktober 1998 de Hypotheekshop een verbintenis uit overeenkomst van arbeidsbeëindiging hebben laten aangaan waarvan zij wisten of redelijkerwijs konden inzien dat de rechtspersoon zelf niet (binnen redelijke termijn) zou kunnen voldoen aan de daaruit ontstane verplichtingen en geen verhaal zou bieden voor de gevolgen van dat verzuim. Dit levert onrechtmatig handelen op van gedaagden, die daarom voor de schade aansprakelijk zijn. [Verweerster] voert aan dat de Hypotheekshop al jaren geleden haar bedrijfsactiviteiten heeft beëindigd en deze heeft ondergebracht bij [F] BV. Door dit feitelijk inactief maken van de Hypotheekshop beletten de bestuurders het genereren van opbrengsten waaruit de vordering van [verweerster] voldaan zou kunnen worden. [Verweerster] stelt dat het door haar na de uitspraak van 13 oktober 1998 terugbetaalde bedrag aan nettoloon van fl.7000,-- is verdwenen terwijl de vorderingen van rekeningcouranthouders, waaronder [eiseres 1] en [eiser 2] persoonlijk, wel zijn betaald; [verweerster] leidt hieruit af dat [eiseres 1] en [eiser 2] doelbewust de Hypotheekshop hebben leeggehaald ten koste van haar crediteur [verweerster], terwijl geen middelen ter beschikking zijn gesteld om haar, [verweerster], te voldoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f201b93d09075206abb0df47fddc3cf1cfd85740b65562166d7ac6aae8fc2c27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f201b93d09075206abb0df47fddc3cf1cfd85740b65562166d7ac6aae8fc2c27, en de alinea staat in dat document op bytes 9469 tot 10817.