Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 mei 2005
Alinea 80 Parket bij de Hoge Raad 20 mei 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 mei 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS5890.
2.22 In zijn proefschrift uit 1927 is Van Ittersum(27) van mening dat noch het ontbreken van elke motivering, noch het feit dat de motivering onvoldoende, onlogisch of onjuridisch is, op zichzelf een reden voor de rechter mag zijn om het bindend advies aan te tasten. Z.i. zullen de overwegingen in het advies echter in de meeste gevallen nodig zijn om de eindconclusie als redelijk te doen aanvaarden. Bovendien moet, zo betoogt hij, veelal uit de motivering blijken of de adviseurs wel voldoende hebben rekening gehouden met beweringen van partijen, getuigen of deskundigen en of zij het onderzoek naar de waarheid behoorlijk hebben geleid. Ook hierop richt zich de rechterlijke controle. In de wijze van totstandkoming van het bindend advies moeten voldoende waarborgen gelegen zijn, dat het advies redelijk en billijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77de07ce36300a8bf81c72cd25fcf17a6819e5a10d8460611a4687746ca3cf94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77de07ce36300a8bf81c72cd25fcf17a6819e5a10d8460611a4687746ca3cf94, en de alinea staat in dat document op bytes 30552 tot 31391.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/77de07ce36300a8bf81c72cd25fcf17a6819e5a10d8460611a4687746ca3cf94 | shasum -a 256