Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2005

Alinea 140 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS6006.

3.64 In rov. 4.14 oordeelt het Hof dat het op de weg van [eiser 1] ligt om concrete feiten en omstandigheden aan te voeren waaruit volgt dat ZAO reeds in de periode voorafgaand aan de stuiting voldoende zicht had op de loop der gebeurtenissen en dat ZAO daaruit had moeten afleiden dat sprake was van een fout van [eiser 1]. Volgens het Hof heeft [eiser 1] niet aan deze stelplicht voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e806dfb4d4b1531b5601ed3e36e080cdbd5ab764ed4f287d79c434d8e022418d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e806dfb4d4b1531b5601ed3e36e080cdbd5ab764ed4f287d79c434d8e022418d, en de alinea staat in dat document op bytes 57210 tot 57613.