Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2005
Alinea 81 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS6006.
3.23 Ik wil niet verhelen dat 's Hofs door het onderdeel bestreden oordeel (mij) niet bevredigt. Dat is vooral daaraan toe te schrijven dat het in hoge mate apodictisch is en dat het Hof geheel voorbij gaat aan de m.i. relevante vraag wat in medische kringen gebruikelijk was en aanvaardbaar werd geacht op het stuk van de vermelding van de bestanddelen van Augmentin.(25) Voor zover het Hof daarover al een gemotiveerd oordeel had, wordt van de gronden waarop het berust geen rekenschap afgelegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e806dfb4d4b1531b5601ed3e36e080cdbd5ab764ed4f287d79c434d8e022418d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e806dfb4d4b1531b5601ed3e36e080cdbd5ab764ed4f287d79c434d8e022418d, en de alinea staat in dat document op bytes 32960 tot 33471.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e806dfb4d4b1531b5601ed3e36e080cdbd5ab764ed4f287d79c434d8e022418d | shasum -a 256