Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005
Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS6926.
3.4. In elk geval heeft het gerechtshof art. 10 lid 1 EVRM in deze zaak toepasselijk geacht en het handelen van de justitiële autoriteiten waarvoor de Staat verantwoordelijk is, getoetst aan het tweede lid van artikel 10. De vaststelling dat tussen partijen niet in geschil is dat de doorzoeking met inbeslagneming een inbreuk inhield op het door art. 10 lid 1 EVRM beschermde recht (rov. 10.3) is in cassatie niet bestreden. Het hof heeft de maatstaf van EHRM 25 februari 2003 (Roemen en Schmit/Luxemburg, reeds aangehaald) tot uitgangspunt genomen. Ook dat is in cassatie niet bestreden(18). Het prealabele verweer in cassatie gaat om deze redenen niet op.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fd9bee70cdcb10a9bedf7c447f8183d5235f92092b9b8f1099eb4df19f71534. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fd9bee70cdcb10a9bedf7c447f8183d5235f92092b9b8f1099eb4df19f71534, en de alinea staat in dat document op bytes 29520 tot 30193.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0fd9bee70cdcb10a9bedf7c447f8183d5235f92092b9b8f1099eb4df19f71534 | shasum -a 256