Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005
Alinea 77 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS6926.
3.19. De gedachte van Koopmans dat doorzoeking en inbeslagneming bij een journalist niet is toegestaan dan nadat de journalist in gebreke is gebleven voor de rechter als getuige een verklaring af te leggen, is in spoedeisende gevallen niet praktisch en is in de latere rechtspraak ook niet terug te vinden. Mits aan alle vereisten van het tweede lid van art. 10 EVRM is voldaan kan bij een journalist een doorzoeking ter inbeslagneming worden gehouden, ook zonder dat de journalist eerst als getuige is opgeroepen. In feite lost deze gedachte van Koopmans zich op in het subsidiariteitsvereiste: indien er een ander, minder bezwarend middel is om de verlangde informatie te verkrijgen, is de inbreuk niet gerechtvaardigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fd9bee70cdcb10a9bedf7c447f8183d5235f92092b9b8f1099eb4df19f71534. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fd9bee70cdcb10a9bedf7c447f8183d5235f92092b9b8f1099eb4df19f71534, en de alinea staat in dat document op bytes 43593 tot 44327.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0fd9bee70cdcb10a9bedf7c447f8183d5235f92092b9b8f1099eb4df19f71534 | shasum -a 256