Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2005

Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS8465.

3.23 Hoewel dit niet uit de wet volgt, wordt aangenomen dat bij het derde type - belediging aangedaan door toegezonden of aangeboden geschrift of afbeelding - het moet gaan om een aan de beledigde gericht geschrift. De tekst van het artikel luidde namelijk oorspronkelijk "of in een tot hem gerigt geschrift". Vervolgens heeft de Minister "de redactie van het artikel een weinig vereenvoudigd" en kwam de tekst als volgt te luiden: "hetzij door een toegezonden of aangeboden geschrift".(17) De beraadslagingen in de Tweede Kamer concentreerden zich op de vraag of niet enkel beledigingen in "open geschriften", zoals briefkaarten waarvan anderen dan de geadresseerde kennis kunnen nemen, onder het bereik van art. 266 Sr zouden dienen te vallen. Beledigingen in gesloten brieven zou de geadresseerde naast zich neer kunnen leggen, of op gelijke wijze kunnen beantwoorden.(18) Dat voor het wegvallen van de woorden "in een tot hem gerigt" een andere reden is dan een redactionele blijkt niet uit de wetsgeschiedenis, zodat ik aanneem dat het nog steeds om een aan de beledigde gericht geschrift moet gaan.(19) Zie ook Hoge Raad 22 juni 1942, NJ 1942, 647, waarin het arrest van het Hof vernietigd werd omdat de bewezenverklaring niet onder art. 266 Sr viel en ook niet bij een ander wettelijk voorschrift strafbaar was gesteld. Tenlastegelegd was dat verdachte aan de echtgenote van V.d. R. een brief had geschreven en verzonden met een voor V.d. R. beledigende inhoud, zonder dat de tenlastelegging vermeldde dat verdachte het opzet had om V.d. R. te beledigen of zelfs maar beoogde dat V.d. R. van de aan zijn echtgenote gestuurde brief kennis zou nemen en dat deze brief ook inderdaad door V.d. R. was gelezen. Zie voorts NLR, aant. 4 op art. 266 Sr: onder een toegezonden of aangeboden geschrift (of afbeelding) valt niet het geschrift dat iemand aan een ander toezendt met de bedoeling dat het onder ogen zal komen van hem die erin wordt aangevallen. Als echter geen sprake is van openbaarheid, valt een dergelijke handeling ook niet onder het eerste type belediging (en is dus geen sprake van een strafbaar feit). Zie NLR, aant. 5 op 266:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae2f9bca72b417acfe83f113fa68441435cc02de2ef0d1aaf9a5c69006d30091. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae2f9bca72b417acfe83f113fa68441435cc02de2ef0d1aaf9a5c69006d30091, en de alinea staat in dat document op bytes 25945 tot 28102.