Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2005

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS8484.

"Het niet of niet-tijdig doen van een aangifte betreffende een aangifte- of een afdrachtbelasting zoals verdachte onder 2 en 4 is ten laste gelegd, is krachtens het bepaalde in art.67B, lid 1 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: de Wet) een beboetbaar feit ter zake waarvan een verzuimboete kan worden opgelegd. Voor de opzetvariant van de in de artikelen 67A en 67C van de Wet omschreven beboetbare feiten voorziet § 2 van Afdeling 1 van Hoofdstuk VIIIA der Wet in een vergrijpboete. Voor de opzetvariant van het in art. 67B omschreven feit geldt dit niet. De inspecteur heeft derhalve geen keus kunnen maken tussen het toepassen van een verzuim- en een vergrijpboete. Het beroep van de verdediging op het bepaalde in § 5 van het voor de onderhavige jaren geldende Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998 (hierna: het BBBB), mist dan ook feitelijke grondslag, evenals haar beroep op het bepaalde in de § 20, lid 2 en §28, lid 3 BBBB.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/696ad02606c495d5661067ab237031879f2273458958e12fcb6c84f3aecda4a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 696ad02606c495d5661067ab237031879f2273458958e12fcb6c84f3aecda4a4, en de alinea staat in dat document op bytes 11886 tot 12862.