Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2005

Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AS9314.

40. Kennelijk heeft het hof geoordeeld dat het verzoek reeds moest worden afgewezen omdat door het oproepen van getuigen omtrent de vordering van de benadeelde partij het onderzoek naar de gegrondheid van die (civiele) vordering de strafzaak zou overschaduwen. Gelet op wat ik zojuist heb opgemerkt, is dat oordeel niet onbegrijpelijk. Het middel faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/406d489d872002844af538a3f9750b49ebac3466a2f13d8886bc8bbfa26264e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 406d489d872002844af538a3f9750b49ebac3466a2f13d8886bc8bbfa26264e9, en de alinea staat in dat document op bytes 28802 tot 29168.