Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2005
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT1097.
6. Dit moet leiden tot het oordeel dat [verzoeker 1] en Herdera niet-ontvankelijk zijn in hun cassatieberoep, tenzij [verzoeker 1] en Herdera ten gevolge van een door (de griffie van) het hof begane fout of verzuim niet tijdig wisten en redelijkerwijs ook niet konden weten dat het hof een arrest heeft uitgesproken en het arrest aan hen als gevolg van een niet aan hen toe te rekenen fout of verzuim pas na afloop van de termijn voor het instellen van cassatie is toegezonden of verstrekt, in welk geval de cassatietermijn wordt verlengd met een termijn van acht dagen na de dag van verstrekking of verzending van het arrest. Vgl. HR 28 november 2003, RvdW 2003, 180.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb62ea13bd4852b41d864616613e0070aa580336722fcaa2a9722b94579363a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb62ea13bd4852b41d864616613e0070aa580336722fcaa2a9722b94579363a9, en de alinea staat in dat document op bytes 6551 tot 7232.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb62ea13bd4852b41d864616613e0070aa580336722fcaa2a9722b94579363a9 | shasum -a 256