Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005

Alinea 108 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT2829.

"In het algemeen gedeelte der toelichting is reeds uiteengezet, waarom de commissie voorstelt dat naar aanleiding van de uitkomst van het onderzoek de ondernemingskamer op verzoek van belanghebbenden of op vordering van de procureur-generaal zekere maatregelen moet kunnen bevelen. Een onbeperkte bevoegdheid voor de rechter acht de commissie te deze niet wenselijk, gezien de vele en gewichtige belangen die hierbij op het spel staan, doch anderzijds dient de rechter wel over voldoende bevoegdheden te beschikken om zo mogelijk te bereiken dat een herstel van gezonde verhoudingen intreedt. Daarbij is er tegen gewaakt dat de rechter zelf op de stoel van de ondernemer gaat zitten : zijn werk is het treffen van maatregelen die de weg tot een oplossing kunnen banen. Het ligt voor de hand, dat de rechter niet dieper zal ingrijpen dan gelet op de omstandigheden noodzakelijk is en dat hij ingrijpen geheel achterwege zal laten, indien de uitkomst van het onderzoek de vennootschap zelf reeds aanleiding heeft gegeven orde op zaken te stellen : vandaar het voorschrift dat de voorzieningen worden getroffen die op grond van het onderzoek geboden zijn. Het bevelen van de voorgestelde maatregelen zal immers altijd het karakter van een ultimum remedium moeten dragen."(21)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271, en de alinea staat in dat document op bytes 55976 tot 57261.