Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005
Alinea 113 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT2829.
3.41 Uit het voorgaande leid ik af dat de rechter - d.w.z. de Ondernemingskamer - binnen de grenzen van art. 2:356 BW de bevoegdheid is gegeven naar eigen inzicht die voorziening(en) te treffen die zij noodzakelijk acht. Gekozen kan worden voor ontbinding indien minder verstrekkende voorzieningen niet meer het gewenste effect kunnen sorteren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271, en de alinea staat in dat document op bytes 58863 tot 59220.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271 | shasum -a 256