Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005
Alinea 118 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT2829.
3.46 Enerzijds is door de wetgever beoogd aan de Ondernemingskamer de bevoegdheid te geven die maatregelen te treffen die zij nodig acht. Anderzijds heeft de wetgever deze bevoegdheid willen beperken tot de maatregelen genoemd in art. 2:356 BW. In het licht van de Zwagerman II-beschikking dient het voor partijen en eventuele belanghebbenden bij een verzoek tot het vaststellen van wanbeleid duidelijk te zijn (i) welke voorzieningen de Ondernemingskamer kan treffen, en (ii) dat de Ondernemingskamer andere dan de gevraagde maatregelen kan treffen indien daarvoor gegronde redenen blijken zijn. Daarmee lijkt de vraag of sprake is van een verrassingsbeslissing zich op te lossen in de vraag of sprake is van "gegronde redenen" als bedoeld in de Zwagerman II-beschikking. Immers, indien sprake is van gegronde redenen om (een) andere voorziening(en) te treffen dan de gevraagde is nauwelijks voorstelbaar deze beslissing als een verrassingsbelissing is aan te merken, mede gezien de toch vrij beperkte keuzemogelijkheden die art. 2:356 BW de Ondernemingskamer laat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271, en de alinea staat in dat document op bytes 61453 tot 62533.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/717d616ef9672187e91a785c741b637165cf6188e8ff528a3ee5a0f9a3a4e271 | shasum -a 256