Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT2884.

3.8 Met ingang van 1 oktober 1992 werd de koppeling van de invorderingsrente aan de wettelijke rente losgelaten. Vanaf die datum werd zij gekoppeld aan aanvankelijk het promessedisconto van De Nederlandsche Bank en nadien de depositorente van de Europese Centrale Bank, die beide op een lager niveau liggen dan de wettelijke rente. Deze loskoppeling was - zo stellen ook beide partijen - uitsluitend het gevolg van het calculerende gedrag van belastingplichtigen ("sparen bij de fiscus"), hetgeen leidde tot onvoorziene en onwenselijke budgettaire consequenties. Niet gebleken is dat de strekking van de per 1 april 1987 in het leven geroepen invorderingsrenteregeling - neerkomend op een forfaitaire vergoeding, ongeacht of door eigen toedoen dan wel door toedoen van de fiscus teveel belasting is betaald - werd verlaten door die loskoppeling. De (enkele) uitlatingen van de Staatssecretaris van Financiën tijdens de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel tot ontkoppeling (...) zijn - in welk verband die uitlatingen ook mogen zijn gedaan - in ieder geval onvoldoende om van het tegendeel uit te gaan. De door Elsevier in dit verband geponeerde stellingen kunnen haar dan ook niet baten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/830c48dae13e8fcb5c147e5e29d698c77d8df2aae567490afa7eef64fab246b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 830c48dae13e8fcb5c147e5e29d698c77d8df2aae567490afa7eef64fab246b5, en de alinea staat in dat document op bytes 19650 tot 20862.