Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2005

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT3659.

14. Tegen de achtergrond van het voorgaande ben ik van oordeel dat wanneer in de tenlastelegging van bedreiging met een misdrijf tegen het leven, althans met zware mishandeling, de feitelijke omschrijving van de gedraging (dat wil zeggen de uiting of de handeling) niet zonder meer de eveneens in de tenlastelegging voorkomende kwalificatie oplevert, de vraag omtrent de geldigheid van de dagvaarding zich toespitst op het vereiste van duidelijkheid waarvoor de verdachte zich moet verantwoorden. In dit verband komt betekenis toe aan de inhoud van het dossier dat de verdachte daartoe al dan niet het nodige inzicht kan verschaffen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/901a05ab48a2239f2cc56c31025f79bc4bd035af32adad9d13bdf4380b76e44b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 901a05ab48a2239f2cc56c31025f79bc4bd035af32adad9d13bdf4380b76e44b, en de alinea staat in dat document op bytes 12933 tot 13579.