Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 september 2005

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 9 september 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT4039.

14. Indien in hoger beroep het vonnis in eerste aanleg wordt vernietigd, ontvalt de rechtsgrond aan hetgeen reeds ter uitvoering van dat vonnis is verricht en ontstaat op de voet van art. 6:203 BW een vordering tot ongedaanmaking van de verrichte prestatie. Het strookt met de eisen van een goede procesorde de mogelijkheid aan te nemen dat in hoger beroep met het oog op het verkrijgen van een executoriale titel aan de vordering tot vernietiging van het bestreden vonnis een vordering tot ongedaanmaking van de ingevolge dat vonnis verrichte prestatie wordt verbonden. Aldus uw Raad in zijn arrest van 30 januari 2004, RvdW 2004, 28 onder verwijzing naar HR 19 februari, NJ 1999, 367 en naar HR 20 maart 1913, NJ 1913, p. 636, in welk arrest werd overwogen dat de appellant/oorspronkelijk gedaagde die de vernietiging van het vonnis van de rechter in eerste aanleg vordert "als noodzakelijk en onafscheidelijk gevolg dier vernietiging" terugvordering kan vragen van hetgeen bij voorraad ter voldoening aan het vonnis in eerste aanleg reeds was voldaan en dat de appellant aldus niet instelt "eene van den eisch tot vernietiging zelfstandige vordering". In genoemd arrest van 30 januari 2004 overwoog uw Raad overigens voorts dat indien de ongedaanmaking inmiddels onmogelijk is geworden - een geval dat zich in casu kennelijk niet voordoet - de daartoe strekkende vordering niet kan worden toegewezen en dat de vraag of en in hoeverre plaats is voor schadevergoeding in hoger beroep niet tegelijk met de vordering tot vernietiging van het in eerste aanleg gewezen vonnis aan de orde kan worden gesteld nu het daarbij in de woorden van het arrest van 20 maart 1913 niet gaat om een "noodzakelijk en onafscheidelijk gevolg dier vernietiging" en het bij de vordering tot schadevergoeding kan gaan om vragen die tot ongewenste complicaties en vertraging van de procedure in hoger beroep kunnen leiden. Zie over de mogelijkheid om in appel - met het oog op het verkrijgen van een executoriale titel - aan de vordering/eis tot vernietiging van het bestreden vonnis een vordering tot ongedaanmaking van de ingevolge dat vonnis verrichte prestatie te verbinden: Snijders/Ynzonides/Meijer, Het Nederlands burgerlijk procesrecht, 2002, nr. 245; Snijders/Wendels, Civiel Appel, 2003, nr. 136; Hammerstein, TCR 1996, p. 58.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a810e7e58f20eefabc18a66228931624cf7c03efff08c8b5b7448ffd0fc08301. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a810e7e58f20eefabc18a66228931624cf7c03efff08c8b5b7448ffd0fc08301, en de alinea staat in dat document op bytes 25173 tot 27499.