Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 november 2005

Alinea 157 Parket bij de Hoge Raad 11 november 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 november 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT5487.

5.4. De vraag is nu of het onder 5.3.3 bedoelde onbehoorlijk optreden van de Rijksaccountants jegens de notaris medebrengt dat strikte toepassing van de wet, waaruit de belastingschuld rechtstreeks voortvloeit, ten aanzien van belanghebbende in die mate in strijd komt met het in het algemeen rechtsbewustzijn levende beginsel van behoorlijk bestuur dat de overheid bij de uitvoering van haar taak zorgvuldig te werk moet gaan, dat die toepassing achterwege moet blijven. Dit vereist een afweging van het beginsel dat de wet moet worden toegepast tegen het vorenbedoelde zogenaamde zorgvuldigheidsbeginsel. Naar 's Hofs oordeel dient die afweging in het onderhavige geval uit te vallen in het nadeel van de fiscus, indien juist is, zoals belanghebbende stelt, dat de naheffingsaanslag haar niet, ook niet later binnen de naheffingstermijn, zou zijn opgelegd indien de Inspecteur niet de door de Rijksaccountants in strijd met hun zorgvuldigheidsplicht jegens de notaris vergaarde informatie zou hebben ontvangen. Daarbij neemt het Hof in aanmerking dat het beginsel dat de fiscus bij boekenonderzoeken jegens belastingplichtigen zorgvuldig te werk gaat, zwaarwegend is en adequate bescherming verdient; niet kan worden aanvaard dat in een bepaald geval de aanleiding tot het heffen van belasting slechts kan worden gevonden in schending van dat beginsel."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d6ecaefb8296da097568c778d8c1754f54097786824cc5d3607dca6ec0ba412. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d6ecaefb8296da097568c778d8c1754f54097786824cc5d3607dca6ec0ba412, en de alinea staat in dat document op bytes 57906 tot 59274.