Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 november 2005

Alinea 162 Parket bij de Hoge Raad 11 november 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 november 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT5487.

"Mij zou tegengeworpen kunnen worden welke dan nog de betekenis is van art. 53, tweede lid, AWR, (verschoningsrecht van de notaris jegens de fiscus). Zou dit wetsartikel dan in de gegeven omstandigheden een dode letter zijn? Neen, op grond van deze bepaling is de notaris nimmer gehouden om gegevens uit zijn cliëntendossiers e.d. aan de fiscus ter inzage te geven. Dat geldt echter niet voor de notariële akte zelve omdat art. 53 AWR toepassing mist. Op grond van de registratieplicht van de notariële akte, heeft de belastingdienst via de inspecteurs der registratie en successie immers als het ware ambtshalve een inzagerecht verkregen ter gelegenheid van het moment der registratie. Daarmee heeft dit recht een soort permanent karakter gekregen voor de fiscale ambtenaren."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d6ecaefb8296da097568c778d8c1754f54097786824cc5d3607dca6ec0ba412. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d6ecaefb8296da097568c778d8c1754f54097786824cc5d3607dca6ec0ba412, en de alinea staat in dat document op bytes 60947 tot 61740.