Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2005

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT5797.

Volgens Boersma heeft [betrokkene] voor het eerste transport 200.000 gulden ontvangen. Dat heeft [persoon 1] inderdaad tijdens zijn tweede verhoor, op 2 juli 1998, en tijdens zijn derde verhoor, op 3 juli 1998, verklaard. In diezelfde verklaringen zegt [persoon 1] evenwel ook dat [betrokkene] van dat geld 160.000 gulden heeft doorgeschoven naar [persoon 3]. Dat zou een lening zijn, die volgens [persoon 1] nooit door [persoon 3] is terugbetaald. Ten aanzien van de derde partij cocaïne heeft Boersma het voordeel voor [betrokkene] becijferd op 400.000 gulden. Dat heeft [persoon 1] inderdaad verklaard tijdens zijn vierde verhoor, op 4 juli 1998. Maar hij zegt in die verklaring ook (p. 6) dat dit bedrag van 400.000 gulden conform een gemaakte afspraak inclusief het bedrag van 160.000 gulden is dat bij de uitbetaling van de eerste partij aan [persoon 3] was gegeven ().

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e5bc227df7a7b52b01b7911762eb88ecadf31091c1a78fbefd6e0f2b63c6cd7e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e5bc227df7a7b52b01b7911762eb88ecadf31091c1a78fbefd6e0f2b63c6cd7e, en de alinea staat in dat document op bytes 14592 tot 15482.