Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2005
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AT9028.
"9.2. (ad a) Het Hof overweegt dat de vraag naar de rechtsmacht dient te worden beantwoord aan de hand van de feiten waarvoor de uitlevering wordt verzocht. De verzoekende Staat heeft op verzoek van het Hof nog toegelicht waar hij zijn rechtsmacht terzake op baseert. De stukken zijn voor het Hof toereikend om te kunnen oordelen dat voldaan is aan het vereiste in artikel 2 lid 3 van het Uitleveringsverdrag - zoals het hiervoor onder 8 ook heeft gedaan - en voldoen derhalve aan de vereisten van het verdrag. De door de raadsman op dit punt opgeworpen vragen komen er op neer dat hij het oogmerk van [de opgeëiste persoon] om cocaïne in de Verenigde Staten te importeren in twijfel trekt. Dit zijn echter vragen die niet bij de beoordeling van de rechtsmacht aan de orde komen (die wordt immers beoordeeld aan de hand van de door de verzoekende Staat gepresenteerde feiten), doch bij de beoordeling of het gepresenteerde bewijsmateriaal de aanhouding en dagvaarding van de opgeëiste persoon zou rechtvaardigen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d5afde8d4ee59ff42acda47cb94c1ed4940a6283d53efb43e04033735acaf752. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d5afde8d4ee59ff42acda47cb94c1ed4940a6283d53efb43e04033735acaf752, en de alinea staat in dat document op bytes 21700 tot 22729.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d5afde8d4ee59ff42acda47cb94c1ed4940a6283d53efb43e04033735acaf752 | shasum -a 256