Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006

Alinea 324 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AR6513.

6.5 Louter op basis van de tekst van de beleidsregel oordelende, zou men menen dat het antwoord op de eerste vraag bevestigend luidt. De correspondentie tussen cliënt en adviseur zal immers zelden louter juridische beschouwingen bevatten. Een advies zal gebaseerd moeten worden op feiten of feitelijke voornemens die de cliënt aan de adviseur meedeelt en die een wijze adviseur zal expliciteren als feitelijke basis voor zijn juridische advies. Indien de staatssecretaris had gewenst dat gemengde stukken niet onder de reikwijdte van het verschoningsrecht zouden vallen, had hij "correspondentie" niet moeten vrijstellen. Het onderscheid dat hij maakt tussen "verstrekte adviezen" en "gevoerde correspondentie" doet juist objectief de verwachting rijzen dat gemengde stukken en zelfs puur feitelijke schriftelijke gegevensverstrekking door de cliënt aan de adviseur onder het informele verschoningsrecht valt voor zover in "correspondentie" vervat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f, en de alinea staat in dat document op bytes 160820 tot 161785.