Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006
Alinea 387 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AR6513.
In de tweede plaats is van belang dat in verband met de aard van deze sanctie (niet punitief) de rechterlijke toetsing van de hoogte van de dwangsom aan de evenredigheidsmaatstaf van art. 3:4 lid 2 Awb niet op een indringende wijze dient te geschieden. Conform de algemene regel dient een rechterlijke toetsing aan art. 3:4 lid 2 volgens de Afd. bestuursrechtspraak RvS (en de bedoeling van de wetgever) terughoudend te geschieden op een wijze die materieel niet verschilt van de van ouds bekende toetsing aan het criterium van een kennelijke onredelijke belangenafweging. Zou het wel om een punitieve sanctie gaan, dan mag en moet, gelet op de aard van een dergelijke sanctie, de toetsing op een meer indringende wijze geschieden. Uit de hierna geplaatste uitspraak van 19 dec. 1996 blijkt dat ook de vraag of een dwangsom wordt opgelegd door de rechter met terughoudendheid dient te worden getoetst."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f, en de alinea staat in dat document op bytes 201739 tot 202654.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f | shasum -a 256