Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006
Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AR6513.
5.9. Het Hof heeft de handelwijze van de inspecteur dus niet aan de normen van art. 3:4, tweede lid, Awb en art. 3:46 Awb getoetst, hoewel belanghebbendes klachten in beroep ("onzorgvuldig"; "onbehoorlijk"; "uitlokken van extra argumenten ter onderbouwing van de boete"(6)) daartoe noopten. Het Hof had zich moeten verdiepen in de verhouding tussen (i) het doel van de inspecteur (toetsen van de voorlopige conclusies) en de daartoe door haar gekozen belastende middelen, alsmede in de verhouding tussen (ii) het doel en belang van de fiscus ("geen voorgekookt verhaal") bij die keuze (onvertegenwoordigd, onvoorbereid, mondeling, ter inspectie) en het belang van de belanghebbende om eventuele vragen schriftelijk en na raadpleging van de administratie door zijn gemachtigde te laten afhandelen. 's Hofs oordeel dat de bewijslast verschoven en verzwaard is ten laste van de belanghebbende, wordt dus onvoldoende gedragen door de daartoe door het Hof op dit punt aangevoerde gronden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f, en de alinea staat in dat document op bytes 40486 tot 41482.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c0df12fe1545ae028323f6afe5ce35ff82c02bb8f0c3465065e3c80324fe627f | shasum -a 256