Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2006

Alinea 144 Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AT1092.

5.1.6. Nu moet worden gezegd dat in economische zin omzetgerelateerde heffingen als het vergunningsrecht en de extra afdracht uiteindelijk het goederen-, diensten-, geld-, of rechtsverkeer zullen treffen. Er mag van uit worden gegaan dat dergelijke heffingen worden afgewenteld op de particuliere eindconsument. Dit kan echter evenzeer gelden voor andere niet-omzetgerelateerde heffingen (zoals bijvoorbeeld de 'oude' loterijheffing ten tijde van de inwerkingtreding van de ERNA, die zag op het 'gezamenlijk bedrag der loten', dus niet het werkelijk aantal verkochte loten) welke in nauw verband staan met het goederen-, diensten-, geld-, of rechtsverkeer. Een economische benadering van de hier bedoelde belastingen leidt tot moeilijk te trekken grenzen en zal een veelheid van belastingen binnen de sfeer van artikel 2a, eerste lid, onder A, sub 1, ERNA kunnen brengen, hetgeen weer op gespannen voet staat met de eigen belastingbevoegdheid die de eilanden toch hebben ingevolge artikel 89 Staatsregeling, en die ook blijkt uit de MvT bij de wijziging van de ERNA en het rapport van de Commissie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfd37461eff4dd46f9b4baf6895f4b89536a2ea46dc629d3f7f3382224f32584. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfd37461eff4dd46f9b4baf6895f4b89536a2ea46dc629d3f7f3382224f32584, en de alinea staat in dat document op bytes 53712 tot 54823.