Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2006

Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AT1092.

3.2.7. Het wezenlijke van een vergunningsrecht was en is volgens de in de onderhavige zaak in geding zijnde regelgeving nog steeds dat het recht wordt geheven op loterijen tot het aanleggen en houden waarvan een vergunning is vereist. De rechten zijn gekoppeld aan de verleende vergunning. Er worden aldus, om de terminologie van de MvT aan te houden, rechten geheven in verband met door die rechtsgemeenschap verleende vergunningen. Voorts worden de rechten geheven van degenen die in het bijzonder bij die vergunningen betrokken zijn, namelijk de vergunninghouders aan wie toegestaan wordt loterijen te houden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfd37461eff4dd46f9b4baf6895f4b89536a2ea46dc629d3f7f3382224f32584. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfd37461eff4dd46f9b4baf6895f4b89536a2ea46dc629d3f7f3382224f32584, en de alinea staat in dat document op bytes 31447 tot 32072.