Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AU6521.

De bepaling is van aanvullend recht, zij het dat daarvan niet kan worden afgeweken ten nadele van de opdrachtgever die een natuurlijk persoon is en de opdracht, anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf, heeft verstrekt (art. 7:413 lid 2 BW jo art. 408 lid 3 BW). Omdat de bepaling mede geldt voor het geval dat de verschuldigdheid van loon van het volbrengen van de opdracht afhankelijk is gesteld, zal echter niet louter op grond van een tot dit laatste strekkend beding (zelfs niet als dit de vorm heeft van een "no cure no pay"-beding) kunnen worden aangenomen dat zij toepassing mist(13).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba, en de alinea staat in dat document op bytes 16734 tot 17353.