Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AU6521.
2.10 Bij de behandeling van het onderdeel stel ik voorop dat het hof zich niet expliciet over het karakter van de voor [verweerster] uit de haar verstrekte opdracht voortvloeiende verbintenis heeft uitgelaten. Een expliciete uitlating over dat karakter lees ik wel in het door het hof bevestigde vonnis van de kantonrechter, die, overwegende dat een taxateur nu eenmaal is gehouden "naar beste weten zijn werkzaamheden te verrichten" en dat "van hem (...) niet (kan) worden gevergd dat hij in strijd met die verplichting handelt om aan zijn opdracht te voldoen", oordeelde "dat de aard van de werkzaamheden van een taxateur, hoezeer ook de opdracht is om tot een eensluidende taxatie te komen, zich niet verdraagt met het standpunt dat het aannemen van een dergelijke opdracht tot een resultaatsverbintenis leidt". In het bestreden arrest lees ik niet dat het hof zich van dit oordeel van de kantonrechter heeft gedistantieerd. Daarbij neem ik mede in aanmerking dat de eerste grief van de gemeente specifiek tegen het geciteerde oordeel van de kantonrechter was gericht en dat het hof, de grieven van de gemeente gezamenlijk behandelend, ook die eerste grief heeft verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba, en de alinea staat in dat document op bytes 24443 tot 25633.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba | shasum -a 256