Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AU6521.

2.13 Naar mijn mening klaagt het onderdeel terecht dat, ook als een inspanningsverbintenis moet worden aangenomen, niet zonder meer zou volstaan dat [verweerster] zich niet zonder goede grond aan de beraadslaging met haar mededeskundigen zou hebben onttrokken dan wel de totstandkoming van een gezamenlijk advies niet anderszins zou hebben gefrustreerd of belemmerd. Naast een negatieve component (een verplichting zich te onthouden van obstructie), zou de op [verweerster] rustende verbintenis dan ook een meer positieve component hebben gehad: van [verweerster] had dan mogen worden verlangd dat zij zich positief zou inspannen en haar inspanningen bovendien met de nodige professionele kwaliteit zou leveren. Naar ik meen heeft het hof inderdaad van een onjuiste rechtsopvatting blijk gegeven, door de verplichtingen van [verweerster] in geval van een inspanningsverbintenis meer beperkt (als een verplichting zich van obstructie in het overleg met haar mededeskundigen te onthouden) op te vatten en niet relevant te achten wat mogelijk uit de eenzijdig door [verweerster] ingezonden taxatierapporten met betrekking tot de professionele kwaliteit van haar inspanningen blijkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca12fb33d2d2729a5b71ff54005fa9ef8f69175b3272c21c1ae3e54d37f710ba, en de alinea staat in dat document op bytes 32966 tot 34159.