Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2006
Alinea 81 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV0625.
Het college neemt bij vorenoverwogene in aanmerking dat uit de geschiedenis van de totstandkoming van de Whv en het besluit (o.a. Kamerstukken II 1997/1998, 25746, nr. 3, p. 22 en p. 50-51, alsmede Kamerstukken I 1997/98, 25746, nr. 192c, p. 18-19 en nr. 192f, p. 11), blijkt dat de wetgever - uitdrukkelijk - heeft beoogd aan een mededeling als de onderhavige omtrent de berekening van de uit de wet voortvloeiende omvang van het varkens-, onderscheidenlijk fokzeugenrecht en registratie geen rechtsgevolg te verbinden, anders dan voor een ambtshalve vaststelling van de omvang van het varkensrecht, die is neergelegd in art. 26 Whv. In de wetsgeschiedenis is dit ook expliciet tot uitdrukking gebracht."(7)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1e7e4c404decf6b2012cd1e5d4462b7224e4ffbba4af2309e35d56ad05385f86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1e7e4c404decf6b2012cd1e5d4462b7224e4ffbba4af2309e35d56ad05385f86, en de alinea staat in dat document op bytes 31318 tot 32039.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1e7e4c404decf6b2012cd1e5d4462b7224e4ffbba4af2309e35d56ad05385f86 | shasum -a 256