Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2006

Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV0733.

Ten aanzien van het subsidiair gestelde door de raadsman overweegt de rechtbank als volgt. Doorzoeking ter inbeslagneming bij een advocaat mag ingevolge artikel 98, tweede lid, Sv ook zonder diens toestemming plaatsvinden waneer zij is gericht op brieven en geschriften die voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend, nu dergelijke brieven en geschriften geen object zijn van de aan de advocaat toekomende bevoegdheid tot verschoning. Het oordeel of brieven/geschriften voorwerp uitmaken van het strafbare feit dan wel tot het begaan daarvan hebben gediend, komt in beginsel toe aan de advocaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/641bfbe7e6db5cd82ccdaeb1e056ef6bf60d9756a9200c5c5192e27e8df92975. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 641bfbe7e6db5cd82ccdaeb1e056ef6bf60d9756a9200c5c5192e27e8df92975, en de alinea staat in dat document op bytes 8533 tot 9180.