Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2006

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV2639.

8) Bij deze lezing van het arrest lijkt mij, dat het hier gegeven oordeel een zelfstandig dragende grond vormt voor de verwerping van Witlox' beroep op het gegeven, dat haar door de opstelling van de gemeente de kans is ontnomen om ter plaatse een kantoor te realiseren. Als - zoals ik zojuist heb aangenomen - het hof heeft geoordeeld dat er hoe dan ook, en ongeacht wat partijen voor geoorloofde, resp. van haar te vergen acties hadden ondernomen, geen kans bestond dat dat resultaat zou worden verwezenlijkt, is Witlox inderdaad niets ontgaan dat ten titel van "schade" kan worden opgevoerd. Zij streefde iets na dat bij voorbaat onmogelijk was. Dan kan zij het "nadeel" (dat ik tussen aanhalingtekens plaats omdat het er in wezen alleen in bestaat dat Witlox gehoopt had het onmogelijke wél te kunnen verwezenlijken), niet bij haar wederpartij in rekening brengen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/888d480146b4ae2f70d679281ee6a1473ae59be62a360477829d8f0f2653577b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 888d480146b4ae2f70d679281ee6a1473ae59be62a360477829d8f0f2653577b, en de alinea staat in dat document op bytes 10614 tot 11496.