Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006

Alinea 103 Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV2923.

10.1. De belanghebbende betoogt ten slotte dat het Hof het charge-moment ex art. 6 EVRM onjuist heeft bepaald. Het Hof achtte dit moment aangebroken op het tijdstip waarop jegens de belastingplichtige een handeling is verricht, waaraan deze in redelijkheid de verwachting heeft kunnen ontlenen dat de Inspecteur een boete zal opleggen. Dit oordeel getuigt geenszins van een onjuiste rechtsopvatting.(27) Die handeling heeft het Hof in casu geïdentificeerd als de kennisgeving door de Inspecteur dat een boete zou worden opgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fffecc24dead1af03d3a4c9f0114ce79e8bbefe08a35e9cd9264c9db0de3d98e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fffecc24dead1af03d3a4c9f0114ce79e8bbefe08a35e9cd9264c9db0de3d98e, en de alinea staat in dat document op bytes 50688 tot 51231.