Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006

Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV2923.

4.12(...) De in de naheffingsaanslag begrepen verhoging vindt immers haar grond in het opzettelijk niet betalen door belanghebbende van de over de aan haar werknemers betaalde lonen verschuldigde loonbelasting, waardoor het aan haar opzet is te wijten dat te weinig belasting is geheven. De vervolging door de officier van justitie betreft evenwel het niet voldoen aan de verplichtingen ingevolge de Coördinatiewet Sociale Verzekering. De feiten waarop de vervolging betrekking heeft zouden niet onder het bepaalde in artikel 68 (oud) AWR dan wel het bepaalde in de artikelen 68 en 69 (nieuw) AWR kunnen worden gebracht en het ene delict ligt niet besloten in het andere (...)."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fffecc24dead1af03d3a4c9f0114ce79e8bbefe08a35e9cd9264c9db0de3d98e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fffecc24dead1af03d3a4c9f0114ce79e8bbefe08a35e9cd9264c9db0de3d98e, en de alinea staat in dat document op bytes 8454 tot 9146.