Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006

Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV2923.

Hieruit volgt dat de wetgever geen bijzonder ruim feitsbegrip aanhing voor de toepassing van de una via-regel.(16) Nu ook het commune strafrecht onderscheid in verwijt maakt tussen het vervalsen van geschriften (art. 225, lid 1, Sr.) en het gebruik maken van vervalsingen (art. 225, lid 2, Sr.), lijkt het niet onredelijk dat dat onderscheid ook gehandhaafd wordt als het verweten gebruik van vervalsingen een fiscaal relevant geschrift betreft (men denke met name aan de genoemde facturen: degene die ze vervalst, hoeft geenszins dezelfde persoon te zijn als degene die ze via zijn fiscale boekhouding de fiscus voorspiegelt; er werd niet zelden handel in gedreven: aannemelijk uitziende valse facturen waren te koop voor - bijvoorbeeld - 10% van het nominale bedrag). Van hetzelfde feit in de zin van art. 67o en 69a AWR is volgens de wetgever pas sprake als de rechtsnorm van de desbetreffende bepalingen dezelfde is. Is de rechtsnorm niet gelijk (zoals bij enerzijds vervalsen en anderzijds gebruiken van vervalsingen), dan is geen sprake van hetzelfde feit in de zin van art. 67o en art. 69a AWR.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fffecc24dead1af03d3a4c9f0114ce79e8bbefe08a35e9cd9264c9db0de3d98e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fffecc24dead1af03d3a4c9f0114ce79e8bbefe08a35e9cd9264c9db0de3d98e, en de alinea staat in dat document op bytes 35774 tot 36888.