Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2006
Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV3373.
2.8 Of sprake is van berusting is feitelijk en afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Zo is in de rechtspraak aangenomen dat het enkele feit dat de in het ongelijk gestelde partij voorstellen doet om aan de gewezen uitspraak te voldoen of zonder sommatie daartoe tot voldoening overgaat nog niet noodzakelijkerwijs wil zeggen dat de partij zich bij de uitspraak heeft neergelegd(15). Hetzelfde geldt voor het zonder voorbehoud voldoen van de proceskosten aan de wederpartij(16). Ook het in een notariële akte instemmen met een definitieve, bindende verdeling met daarin de verklaring dat geen ontbinding of vernietiging van de verdeling kan worden gevorderd, rechtvaardigde in een bepaald geval niet dat de partij daarmee te kennen gaf te hebben berust in de uitspraak waarin deze verdeling werd bevolen, omdat in een voorafgaande akte door de desbetreffende partij was verklaard uitsluitend aan de verdeling mee te werken ingevolge het rechterlijk gebod en zich het recht voor te behouden om in hoger beroep te gaan(17).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb4fa022dfe33e318615a1273840babf99d0067bea5f046a56a7362ae5ef6dd4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb4fa022dfe33e318615a1273840babf99d0067bea5f046a56a7362ae5ef6dd4, en de alinea staat in dat document op bytes 20488 tot 21534.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb4fa022dfe33e318615a1273840babf99d0067bea5f046a56a7362ae5ef6dd4 | shasum -a 256