Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2006
Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV3373.
2.9 De zinsnede "Ten vervolge op eerdere correspondentie kan ik U mededelen dat cliënte afziet van een beroep in cassatie", waarop betalingen ingevolge de veroordeling volgden, toont daarentegen wel een houding aan waaruit ondubbelzinnig blijkt dat in de uitspraak wordt berust. De veelal als slotbepaling gebruikte (standaard)woorden "algeheel en finaal gekweten" in een overeenkomst duiden in het algemeen op een beëindiging van het materiële geschil, waarna partijen niets meer met elkaar te maken hebben en in ieder geval te vorderen hebben. Deze term kan wijzen op berusting in de uitspraak, maar evenzeer is denkbaar dat het gezien de context waarin deze woorden worden gebezigd niet een ondubbelzinnig kenbare wil oplevert dat afstand van het recht van een hogere voorziening tegen de uitspraak wordt gedaan(18).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb4fa022dfe33e318615a1273840babf99d0067bea5f046a56a7362ae5ef6dd4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb4fa022dfe33e318615a1273840babf99d0067bea5f046a56a7362ae5ef6dd4, en de alinea staat in dat document op bytes 21554 tot 22389.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb4fa022dfe33e318615a1273840babf99d0067bea5f046a56a7362ae5ef6dd4 | shasum -a 256