Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2006

Alinea 150 Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV3385.

4.51. Het hof mocht dus vanwege de devolutieve werking van het appel niet aannemen dat door het ontbreken van een grief van de zijde van de geïntimeerde partij Sanoma vaststaat dat het artikel van dien aard is dat er redenen waren om het ten aanzien van MC Boerhaave te rectificeren, althans anders te rectificeren dan Sanoma (in haar visie zonder wettelijke gehoudenheid) in de Nieuwe Revu reeds gedaan had. Het hof diende zelfstandig te onderzoeken of er zowel in tweede als in eerste aanleg door MC Boerhaave onbetwist is gesteld dat het litigieuze artikel van dien aard was dat er redenen waren om het ten aanzien van MC Boerhaave te rectificeren. Daarbij diende het hof de relevante stellingen van Sanoma in zowel de eerste als de tweede aanleg in zijn overwegingen te betrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b682e985db9577d61d445d14863d9b4fb2698212a225976a06a62ea03ddc9006. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b682e985db9577d61d445d14863d9b4fb2698212a225976a06a62ea03ddc9006, en de alinea staat in dat document op bytes 63330 tot 64129.